Epistemologisch

For clearly there are unknown truths; individually and collectively we are non-omniscient.
— On Fitch’s Paradox of Knowability

Kein Mensch kann hören,
was die Eule hört.
— Alles was wahr ist, Heinz Kahleu

Het ravet in Het Bos.
— Dans Dichter Dans, FB

 

En

ik waarschuwde nog: dat het te ver zou zijn, en te moeilijk bereikbaar en te veel gedoe maar uren later uitgeteld op een bank in een hoek onder spots die geen maat meer hielden, enkel nog drammerig vooruitgangsritmes

knipperden, fluisterde je me toe dat alle ware kunstenaars verloren zijn zodra hun eerste werk door een ander is bewonderd, oprecht of niet, want het is niet het zien maar het uitspreken wat telt.

Maar, en, dus

we hadden niet zo ver moeten komen, niet de moeite hoeven doen, onszelf niet nodeloos uitputten tegen alle wetten van de energiebewaring in om dit te weten te komen maar hadden het niet kunnen zeggen zonder.

Maar, omdat

het als een ongekende waarheid is die, eens uitgesproken, nooit anders dan gekend had kunnen zijn, zoals weten dat jij het bent, jij, zonder dat je het zelf weet en ik het niet had kunnen bedenken zonder je te kennen;

zonder het te negeren nu, op te staan nu om bier bij te halen, mijn schouders die verdwijnen in de massa, onder de gloed van deze spots, de enige last die ik vanavond nog te dragen heb.

Maar, en, toch.